Project

UGentMemorialis ontstond in de schoot van UGentMemorie, een project en virtueel platform van de vakgroep Geschiedenis en het Instituut voor Publieksgeschiedenis. Waar UGentMemorie een verzamelplatform is op de grens tussen geschiedenis, herinnering en erfgoed van de UGent, is UGentMemorialis een exhaustieve catalogus van alle Gentse professoren. Op UGentMemorie vind je biografische lemma’s geschreven door de academische gemeenschap op de snee van geschiedenis en herinnering, op UGentMemorialis vind je personalia en loopbaangegevens van alle professoren.

Het doel van UGentMemorialis is veelzijdig:

  1. Het is een naslagwerk over de Gentse professoren en de soms complexe administratieve indeling van de instelling.

    Wie was Jean Van Rotterdam? Hoe heeft de huidige faculteit Bio-ingenieurswetenschappen zich ontwikkeld in de tijd? Wie was de voorganger van de voorzitter van de vakgroep archeologie? Welke vrouwen doceerden aan de faculteit Diergeneeskunde?

  2. Het stimuleert onderzoek op vlak van wetenschaps- en universiteitsgeschiedenis, sociale geschiedenis en historische pedagogie.

    Alle data zijn vrij te gebruiken en exporteerbaar onder de Open Databank Licentie.

    De onderzoeksmogelijkheden worden geïllustreerd in een dossier UGent in cijfers op UGentMemorie. Het bevat op de databank gebaseerde visualisaties over de geschiedenis, de professoren en het bestuur van de universiteit.

  3. Het ontsluit gekende maar verspreide informatie uit het Universiteitsarchief, de Dienst Personeel en Organisatie en de Universiteitsbibliotheek.

  4. UGentMemorialis is een ‘dynamische’ databank. Op geregelde tijdstippen worden historische gegevens aangevuld, nieuwe benoemingen en administratieve wijzigingen verwerkt. Op die manier kan UGentMemorialis ook een waardige opvolger worden van de in 2012 afgeschafte papieren administratieve gids.

Heeft u nog opmerkingen of vragen? Laat het ons weten.

 

Vergelijkbare databanken

UGentMemorialis is voorlopig een unicum in België maar in het buitenland verschenen reeds gelijkaardige professorendatabanken. De UGent sluit zich aan bij de modernisering van de academische traditie de eigen geschiedenis te bewaren en te verzekeren, maar tevens te ontsluiten voor het publiek.

 

Voorlopers

UGentMemorialis vult een papieren tegenhanger aan met professoren benoemd tussen 1960 en 2012; dat betekent een vervijfvoudiging tot meer dan 3000 personen. Zo schakelt de hedendaagse universiteit zich in een lange traditie in. Het Liber Memorialis is een klassieker uit de academische herdenkingscultuur.

Het Liber Memorialis van 1913

Aan de Gentse universiteit verscheen de vroegste uitgave van een Liber Memorialis in 1913. Aanvankelijk was de verschijning van de twee luxueus uitgegeven volumes twintig jaar eerder voorzien in 1892 bij de vijfenzeventigste verjaardag van de universiteit. Door allerhande vertragingen kwam de uitgave er niet. Een tweede poging werd ondernomen in 1905, met als gelegenheidsargument de vijfenzeventigste verjaardag van België. In de Academische Raad besloten de toenmalige professoren om naast de bio-bibliografische portreten eveneens een historische beschrijving van de universiteit in het Liber Memorialis op te nemen, begeleid met “vues photographiques des instituts et laboratoires annexés”. Ondanks de opvolging van het project binnen de Academische Raad raakte enkel het deel van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte klaar voor publicatie. Het voorstel van de historicus Henri Pirenne om alvast dit deel uit te brengen, stootte op een negatief advies van de minister van Kunsten en Wetenschappen, die bevoegd was voor de rijksuniversiteiten. In juni 1911 nam de Academische Raad een derde maal het initiatief voor een Liber Memorialis naar aanleiding van de Wereldtentoonstelling die in 1913 Gent zou aandoen. In december 1912 stelde de Academische Raad echter vast dat nog heel wat werk op de plank lag, met name voor de faculteit Wetenschappen. Niettemin zouden de twee delen op de valreep verschijnen. Het in de inleiding aangekondigde en sinds lang beloofde deel over de geschiedenis van de universiteit kwam er niet, wellicht ook door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog kort daarop.

Het Liber Memorialis van 1960

Vijftig jaar later kwam er een tweede deel van het Liber Memorialis, waarin het professorenbestand van 1913 tot 1960 werd opgenomen. Deze vierdelige publicatie werd gerealiseerd op voorstel van historicus en rector Pieter Lambrechts, die eveneens betrokken was bij het kort daarvoor verschenen jubileumboek over een kwarteeuw geschiedenis van de rijksuniversiteit Gent sinds haar vernederlandsing in 1930. Deze vernederlandsing had een grondige vernieuwing van het professorenbestand teweeggebracht en werd door Lambrechts als belangrijkste reden geacht om het Liber Memorialis te vernieuwen. Hij schreef in zijn voorwoord “dat sinds geruime tijd de noodzakelijkheid van een nieuwe uitgave zich deed gevoelen, en dit des te meer daar in vele opzichten de vernederlandsing van de Gentse Alma Mater grote veranderingen heeft teweeggebracht”. Lambrechts vertolkte ook mooi de bedoeling van de universiteit met de uitgave van een Liber Memorialis: “Onderhavige publikatie is niet alleen een daad van piëteit tegenover de vele afgestorven leden van de Gentse universitaire familie, zij is ook een bewijs van geloof en vertrouwen in de toekomst van de Gentse Alma Mater. De traditie is een van de voornaamste pijlers waarop het universitaire gebouw rust. Ieder geslacht is een schakel in de lange keten die het verleden, over het heden, aan de toekomst bindt. Het is goed zich af en toe te bezinnen op de daden van de voorgangers om, gesterkt door hun voorbeeld, aan de uitbouw van de toekomst te denken”.

UGentMemorialis anno 2010 en 2015

Naar aanleiding van 80 jaar vernederlandste universiteit maakte UGentMemorialis de galerij van Gentse professoren los van haar papieren drager. De eerste versie van de digitale catalogus uit 2010 beperkte zich tot 607 professoren uit de Libri van 1913 en 1960, enkele biografische gegevens en een link naar de gedigitaliseerde lemma’s.

Anno 2015 breidt UGentMemorialis in de diepte en de breedte uit. De catalogus biedt meer informatie, zowel op vlak van biografische gegevens als gegevens over de academische loopbaan. Anderzijds loopt de periode nu tot 2012, waardoor het professorenbestand in aantal toeneemt van 607 tot 3157.

In tegenstelling tot de Libri Memorialis en de 2010-editie van UGentMemorialis streeft de hernieuwde catalogus naar de opname van alle Gentse professoren. Een aantal van hen uit de rumoerige jaren van de geschiedenis van de universiteit ontbreken in de Libri. Zo beleefde de rijksuniversiteit in 1830-1835 een aantal woelige jaren op het ritme van de Belgische onafhankelijkheid met alle benoemingsperikelen van dien. Bekender is de episode van de ‘Vlaamse Hogeschool’ tijdens de Eerste Wereldoorlog. In 1914-1918 sloot de UGent haar deuren, maar werd onder auspiciën van de Duitse bezetter in 1916 een Nederlandstalige universiteit opgericht. Voor de activisten was deze Vlaamse Hogeschool in rechte de opvolger van de rijksuniversiteit en stond zij bijgevolg in de traditie van 1817. Vanuit belgicistisch oogpunt moest dit collaborerend instituut buiten de universiteitsgeschiedenis geplaatst worden, en de professoren van de Vlaamse Hogeschool uit het korps geschrapt worden. Dat gebeurde ook in 1919 bij Koninklijk Besluit. “Nous nous garderons bien de les réhabiliter jamais”, sprak uittredend rector Henri Schoentjes toen. Ook voor de opstellers van het Liber Memorialis van 1960 kwamen de professoren van de Vlaamse Hogeschool “niet in aanmerking” voor opname. Deze professoren hebben nu wel een plaats gekregen in UGentMemorialis.

Deze vernieuwde catalogus is net als haar voorgangers ontstaan in een jubileumcontext. Voor de deur staat immers de tweehonderdste verjaardag van de UGent in 2017. UGentMemorialis kan behalve universiteitsonderzoek ook inspireren tot herdenkingsactiviteiten.